Staatssteun als de doos van Pandora: de zaak Harlingen – Spaansen

In de praktijk komt het voor dat overheden met een beroep op de staatssteunregels proberen onder een contract uit te komen of de contractsvoorwaarden in hun voordeel aan te passen. Dat dit voor deze overheden geen loterij zonder nieten is, laat de casus Harlingen – Spaansen zien. Over deze casus heb ik een artikel geschreven dat hier is na te lezen.

Achtergrondinformatie

Met deze blog wil ik de lezer van mijn artikel enige achtergrondinformatie verschaffen. In mijn artikel komen namelijk diverse besluiten van de Europese Commissie (Commissie) en uitspraken van zowel Europese, Nederlandse en Duitse rechters aan bod waar ik eerder al blogs en artikelen over schreef.

De casus Harlingen – Spaansen

De casus is in de kern heel simpel. De gemeente Harlingen (Gemeente) kocht na lang onderhandelen een stuk grond van vloerenfabriek Spaansen (Spaansen). De koopsom zou in twee termijn worden betaald. Nadat Spaansen aanspraak maakte op het tweede deel van de overeengekomen koopsom, stelde de Gemeente dat er sprake was van staatssteun. Volgens de rechtbank Noord-Nederland (Rechtbank) was er inderdaad sprake van staatssteun. Om dat te corrigeren, hoefde de Gemeente het tweede deel van de koopsom niet meer te betalen. Spaansen daarentegen moest nog een deel van de al betaalde koopsom met rente terug betalen. De grond mocht de Gemeente houden. Het vonnis van de Rechtbank wordt besproken in de blog: Staatssteun en onteigening: de casus Harlingen Spaansen.

In beroep kwam het gerechtshof Arnhem – Leeuwarden (Gerechtshof), net als de Rechtbank, tot de conclusie dat er staatssteun in het spel was. Alleen deze keer werd als gevolg hiervan de hele koopovereenkomst nietig verklaard. Spaansen moet nu weliswaar het ontvangen deel van koopsom volledig terug betalen, maar daar staat tegenover dat zij nog steeds eigenaar is van het stuk grond dat zij aan de Gemeente had verkocht. En daar lijkt de schoen voor de Gemeente te wringen. De Gemeente had inmiddels een deel van de grond doorverkocht. Het arrest van het Gerechtshof wordt besproken in de blog: Overheid mag niet profiteren van schending meldingsplicht.

Marktwaarde van het Spaansen-terrein

Teneinde te kunnen vaststellen of Spaansen was begunstigd, had de Gemeente de marktwaarde van het Spaansen-terrein (i) achteraf vastgesteld op basis van (ii) op basis van de residuele waarderingsmethode (restwaardemethode). Ondanks de kritiek van Spaansen, lijkt dit voor de Commissie acceptabel. Zie de blog: Staatssteun en de residuelewaardemethode: de zaak Harlingen – Lundinga.

Onteigening

Voor het geval de overeengekomen koopprijs niet marktconform was, meende Spaansen dat zij desondanks niet bevoordeeld was. Er zou sprake zijn van compensatie overeenkomstig de Onteigeningswet. Gelet op o.a. het Nedalco besluit zou dit geen staatssteun vormen. Het betreffende besluit wordt besproken in de blog: Vergoeding voor onteigening en staatssteun: de zaak Nedalco. Welke compensatie onder de Onteigeningswet mag worden gegeven zonder dat het staatssteun vormt, wordt beschreven in het artikel ‘Staatssteun en onteigening: wanneer is volledige schadeloosstelling toegestaan?’ Dit artikel is hier na te lezen.

Integrale of partiële nietigheid

Het Gerechtshof meende het geschil definitief te moeten beslechten en verklaarde de koopovereenkomst integraal nietig. De mogelijke nietigheid van onrechtmatige staatssteun wordt beschreven in de blog over het Residex arrest: Een garantie die onrechtmatige staatssteun vormt is niet per definitie nietig. Uit het eerste Klausner Holz arrest volgt dat in plaats van een definitief oordeel ook voorlopige maatregelen mogelijk zijn. Zie over dit arrest de blog: Staatssteun en een definitief geworden beslissing van een nationale rechter: de zaak Klausner Holz. Gelet op laatstbedoeld arrest is het best opvallend te noemen dat de Duitse rechter die over de Klausner Holz zaak moest oordelen, evenmin voorlopige maatregelen nam. Deze uitspraak wordt besproken in de blog: Klausner Holz en de nietigheid van overeenkomsten.

Wel of niet melden of niet melden

Alleen de overheid kan een steunmaatregel melden. Het verzoek van Spaansen om de Gemeente te veroordelen de koopovereenkomst alsnog bij de Commissie te melden werd zowel door de Rechtbank als het Gerechtshof niet gehonoreerd. Dat een andere benadering mogelijk is, is onderwerp van de blog: CBb: staatssecretaris van EZ moet steunmaatregel alsnog melden. Na melding ligt de zaak op het bordje van de Commissie. Ook onrechtmatige staatssteun kan nog steeds met de interne markt verenigbaar worden verklaard. Bij wijze van voorbeeld kan worden gewezen op de blog: Europese Commissie: staatssteun voor Berlijnse jeugdherberg toelaatbaar. Het tweede Klausner Holz arrest laat evenwel zien dat een Commissiebesluit ook jaren op zich kan laten wachten. Meer hierover in de blog: Gerecht verklaart beroep Klausner Holz tegen uitblijven Commissiebesluit niet-ontvankelijk.

Vergewisplicht

Tegenover de meldingsplicht van de Gemeente staat de ‘vergewisplicht’ van Spaansen. Een behoedzame ondernemer die met de overheid zaken doet, is verplicht na te gaan of de staatssteunregels correct worden nageleefd. In het Eesti Pagar arrest heeft het Hof van Justitie dit recent nog bevestigd. Dit arrest wordt besproken in de blog: Terugvordering van staatssteun door nationale autoriteiten: het blijft vragen oproepen.

Rente

Aangezien het Gerechtshof de koopovereenkomst nietig heeft verklaard, moet Spaansen het reeds ontvangen deel van de koopsom terugbetalen. De Gemeente meende dat Spaansen daar rente over verschuldigd was. Deze vordering was primair gebaseerd op artikel 11 Vo 794/2004. Uit het hiervoor reeds aangehaalde Eesti Pagar arrest volgt dat die Verordening geen grondslag biedt voor rentevorderingen in nationale kwesties. De twijfelachtigheid van nationale grondslagen, komt aan de orde in het artikel ‘Terugvordering van staatssteun: een proces in drie fasen’. Dit artikel is hier na te lezen.

Vervolg

In de media is inmiddels gemeld dat de Gemeente en Spaansen pogingen ondernemen om er in onderling overleg uit te komen. Teneinde haar rechter veilig te stellen heeft de Gemeente echter ook beroep in cassatie ingesteld. Mogelijk moet dus ook de Hoge Raad er nog aan te pas komen. Het laatste woord is dus mogelijk nog niet gezegd.



Als advocaat ben ik gespecaliseerd in mededingingsrecht, staatsteun, marktordening in de landbouw (GMO) en compliance. Naast mijn werk bij Kneppelhout ben ik buiten promovendus bij de Rijksuniversiteit Groningen en de Wageningen Universiteit en onderzoek ik de ‘De rol van producentenorganisaties in het gemeenschappelijke landbouwbeleid’.

Nog geen reacties.

Laat een reactie achter

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

10 + 20 =