Het Bundeskartellamt verbiedt prijspariteitsclausule van HRS

besteprijsgarntie boekingssite

In een besluit van 20 december 2013 heeft het Bundeskartellamt (BKartA), de Duitse mededingingsautoriteit, vastgesteld dat de prijspariteitsclausule die de Duitse boekingssite HRS hanteert, in strijd is met het kartelverbod. Tevens heeft het BKartA HRS verboden nog langer prijspariteitsclausules te hanteren.

Casus

HRS exploiteert een platform waarop online hotelkamers geboekt kunnen worden. Hotels die via het betreffende platform hun kamers willen aanbieden, moeten daarvoor een overeenkomst met HRS sluiten. In deze overeenkomst komt de navolgende bepaling voor:

HRS verwacht van zijn hotelpartners dat deze aan HRS de voordeligste kamerprijzen aanbieden. Het hotel garandeert dat HRS altijd minstens even voordelige prijzen krijgt als die het hotel aanbiedt op andere reserverings- en reisplatformen op het internet of op de eigen homepage van het hotel.”

Uit het besluit van het BKartA volgt verder dat deze besteprijsgarantie (ook wel prijspariteit genoemd) niet alleen geldt voor online boekingen, maar met ingang van 1 maart 2012 geldt voor alle distributiekanalen. Hotels die met HRS een overeenkomst hebben gesloten kunnen dus geen verschillende prijzen hanteren.

HRS controleerde door middel van een webcrawler routinematig of de hotels zich aan de prijspariteit hielden. Indien dat onderzoek uitwees dat de besteprijsgarantie niet werd nagekomen, dreigde HRS met een boekingsblokkade of het opzeggen van de overeenkomst.

Oordeel BKartA

Strijd met het mededingingsrecht

Het BKartA heeft onderzoek gedaan en is daarbij tot de conclusie gekomen dat de besteprijsgarantie van HRS in strijd is met zowel het kartelverbod als het verbod om misbruik te maken van een economische machtspositie.

Besteprijsgaranties beperken volgens het BKartA niet alleen de mededinging tussen boekingssites, maar ook tussen hotels onderling. De beperking van de mededinging is merkbaar, omdat HRS op de Duitse markt voor boekingssites een marktaandeel

heeft van meer dan 30%. Bovendien wordt het mededingingsbeperkende effect versterkt doordat andere boekingssites zoals Booking.com en Expedia eveneens besteprijsgaranties verlangen. Het BKartA komt verder tot de conclusie dat besteprijsgaranties niet zijn vrijgesteld van het kartelverbod. Zo leiden besteprijsgaranties niet tot lagere prijzen voor hotelkamers. Daarom zijn dergelijke garanties niet voordelig voor consumenten.

Los van een overtreding van het kartelverbod, is het BKartA tevens van mening dat HRS jegens kleine en middelgrote hotels misbruik heeft gemaakt van haar economische machtspositie door een besteprijsgarantie te verlangen. Hierdoor worden de kleine en middel grote hotels volgens het BKartA gehinderd in de onderlinge concurrentie.

Maatregelen

Het BKartA verbiedt HRS nog langer inbreuk te maken op het kartelverbod en het verbod misbruik te maken van een economische machtspositie. Daarnaast eist het BKartA dat HRS uiterlijk op 1 maart 2014 de besteprijsgarantie uit haar algemene voorwaarden verwijdert en de overeenkomsten met de afzonderlijke hotels aanpast.

Uitgebreide beschrijving

Een uitgebreidere bespreking van het besluit van het BKartA kan hier worden nagelezen.

Commentaar

De zaak tegen HRS staat niet op zich. Uit een persbericht van 20 december 2013 blijkt dat BKartA inmiddels ook een procedure is gestart tegen Expedia en Booking.com. Zoals hiervoor reeds is opgemerkt, hanteren deze boekingssites immers eveneens prijspariteitsclausules. De acties van het BKartA laten duidelijk zien dat het in ieder geval in Duitsland oppassen geblazen is met besteprijsgaranties.

Het besluit van het BKartA is nog niet definitief. HRS kan tegen dit besluit nog beroep instellen bij het Oberlandesgericht in Düsseldorf. Dit gerecht oordeelde overigens in een uitspraak van 15 februari 2012 al dat besteprijsgaranties in strijd zijn met het kartelverbod.

* foto van Hans Braxmeier via Pixabay, de afbeelding is van mijn hand en heb ik toegevoegd



Als advocaat ben ik gespecaliseerd in mededingingsrecht, staatsteun, marktordening in de landbouw (GMO) en compliance. Naast mijn werk voor DVAN advocaten ben ik buiten promovendus bij de Rijksuniversiteit Groningen en de Wageningen Universiteit en onderzoek ik de ‘De rol van producentenorganisaties in het gemeenschappelijke landbouwbeleid’.

Nog geen reacties.

Laat een reactie achter

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

1 + 2 =